Pijnpolikliniek.Info

 
 
 
                 patienten voorlichting            
 
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 

DC Klinieken Roermond                            23 september 2011

 

Deze informatie is bestemd voor patiënten, die lijden aan chronisch lage rugpijn

 

www.pijnpolikliniek.info

Vrijwel alle volwassenen (60-90%) hebben wel eens te maken met lage rugpijn. Als de klachten minder dan een maand bestaan, spreekt men van acute lage rugpijn. Bij een duur van 1 tot 3 maanden spreekt men van subacute lage rugpijn. Als de klachten langer dan een drie maanden bestaan, spreken we van chronisch lage rugpijn.

 

Van de mensen die acute lage rugpijn krijgen, is bij de helft de pijn binnen een week weer over en bij 95% is die pijn binnen 3 maanden weer voorbij. Op zich is de prognose van acute en subacute lage rugpijn gunstig, zij het dat bij de meerderheid van de patiënten de pijn ook wel eens recidiveert.

 

Bij minder dan 5% van de mensen met lage rugpijn is er een specifieke oorzaak aan te wijzen. Dit kan bijvoorbeeld een hernia zijn (een uitpuilen van de tussenwervelschijf in de richting van de zenuwwortel, waarbij de zenuwwortel in de verdrukking komt) of een forse verschuiving van de wervels ten opzichte van elkaar (spondylolisthesis).

 

  hernia met verdringing van de zenuwwortel

Verder worden de Ziekte van Bechterew, vernauwing van het wervelkanaal (kanaalstenose)  en kwaadaardige tumoren tot de specifieke lage rugpijn gerekend.

 

Bij de overgrote meerderheid van patiënten met chronisch lage rugpijn is geen duidelijk oorzaak aan te wijzen. Men spreekt dan ook van aspecifieke lage rugpijn. Vaak is er wel op een Röntgenfoto, een CT-scan of een MRI-scan te zien dat er "slijtage" verschijnselen zijn (degeneratieve afwijkingen). Toch worden deze afwijkingen niet tot de specifieke oorzaken gerekend. Er zijn namelijk veel mensen die deze afwijkingen hebben maar die geen rugpijn hebben. Om de zaak nog ingewikkelder te maken, kan aspecifieke lage rugpijn overgaan in specifieke en omgekeerd (bijvoorbeeld, mensen die na een rugoperatie toch nog pijn overhouden).

 

Wat diagnostiek betreft, is het in geval van chroniciteit altijd wenselijk om een overzichtsröntgenfoto te maken van de lumbale wervelkolom (lendenwervels). Een CT-scan of een MRI-scan is in de meeste gevallen niet noodzakelijk.

 

Pijn die zich uitsluitend tot de rug beperkt, noemen we lumbago. In de meeste gevallen is er uitstraling via de bil naar het been of vaak zelfs naar beide benen. In dat geval spreken we van lumbo-ischialgie ofwel "ischias". Soms is er alleen uitstraling zonder rugpijn - dan spreekt men van ischialgie.

 

Er zijn heel veel medische en paramedische specialismen betrokken bij de diagnostiek en de behandeling van chronisch lage rugpijn: neurologen, orthopeden, neurochirurgen, reumatologen, anesthesiologen, revalidatieartsen, artsen voor orthomanuele geneeskunde, radiologen, chiropractors, fysiotherapeuten, manuele therapeuten, Mensendieck therapeuten, Cesar therapeuten, MacKenzie therapeuten en ergotherapeuten. De alternatieve behandelingen worden hier niet bij genoemd. Ieder soort hulpverlener heeft zijn eigen benadering en werkt vaak in samenspraak met anderen, om de pijn te verlichten. Vaak is de basis van de behandeling niet erg wetenschappelijk. Toch kunnen vrijwel al deze behandelingen effectief zijn bij geselecteerde groepen patiënten.

 

De anesthesiologische behandeling van chronisch lage rugpijn:

Hoewel veel patiënten gebaat zijn bij pijnbehandeling d.m.v. medicamenten of fysiotherapie komen een aantal in aanmerking voor behandeling van lage rugpijn door middel van priktechnieken (invasieve pijnbestrijding). Deze bestaat uit twee groepen. De eerste groep is die van de epidurale injecties en de tweede die van de zogenaamde RF-laesies.

 

Bij epidurale injecties wordt gebruik gemaakt van hyaluronidase en corticosteroïden. Deze eerste is een enzym dat van nature ook in het lichaam voorkomt en wordt gebruikt om verklevingen op te lossen. De tweede is een hormoonpreparaat dat vergelijkbaar is met het bijnierschorshormoon cortison. (zie ook voorlichting over epidurale adhaesiolysis). De behandeling vindt bij voorkeur plaats onder Röntgen doorlichting. De epiduraalruimte kan van achteren benaderd worden, tussen de wervelbogen door, maar heel vaak wordt gebruik gemaakt van een opening aan het einde van de stuit, waarbij een katheter wordt opgevoerd tot de onderste lendenwervels (de zogenaamde Racz procedure).

 


                                               

   


Racz procedure

Bij RF-laesies wordt gebruik gemaakt van radiofrequente stroom. Deze stroom wordt gebruikt om warmte op te wekken. (zie ook informatie over RF-laesies) Bij de klassieke RF-laesie wordt gewerkt met temperaturen van 55° tot 80°. Dit zijn temperaturen die een lichte beschadiging van zenuwweefsel geven, maar zodanig dat alleen de pijnsignalen minder goed worden doorgegeven. De tastzin en de spierkracht blijven behouden. Sinds een aantal jaren wordt bij zenuwwortel behandelingen ook gebruik gemaakt van gepulseerd RF-laesies. Hierbij blijft de warmte ontwikkeling beperkt tot een temperatuur van 42°.

 

lumbaal facetsyndroom

Sinds begin 2015 wordt de facet blok nergens meer vergoed, ook niet als U een aanvullende verzekering heeft. Het valt nu dus onder de 'niet vergoede zorg' vergelijkbaar met cosmetische chirurgie of spataderen. De DC klinieken heeft nu een prijs bepaald voor deze behandeling. U kunt telefonisch inlichtingen inwinnen. Dit geldt ook voor pijn uitgaand van het SI gewricht.

Bij dit syndroom is er prikkeling, slijtage of artrose van de steungewrichtjes aan de achterzijde van de wervelkolom. Hierbij betreft het pijn die uitstraalt naar bil en been en verergert met strekken en draaien van de lendenwervels. Hierbij wordt de RF facetdenervatie toegepast. Dit is een behandeling waarbij de pijngeleiding vanuit de steungewrichtjes, die gelegen zijn aan de achterkant van de wervelkolom, beïnvloed wordt. Onder röntgendoorlichting worden naalden geplaatst bij de zenuwtakjes van de betreffende steungewrichten. Vervolgens wordt met een klein stroompje de positie van het naaldpuntje gecontroleerd en wordt na verdere verdoving de naaldpunt verwarmd tot 80°. (door radiofrequente (RF) stroom). Hierdoor worden de pijnvezels van het betreffende zenuwtje voor langere tijd zodanig beïnvloed, dat ze de pijnsignaal minder goed doorgeven. (zie voorlichting RF-facetdenervaties). In veel gevallen treedt een pijnvermindering op.

 

 

          
  

facetblok op lendenwervel niveau 

 

discogene pijn

Deze pijn gaat uit van de tussenwervelschijf. De rand van de tussenwervelschijf kan gescheurd zijn en de inhoud kan uitpuilen (zonder verdringing van de wortel wordt er niet gesproken van een hernia) Een RF-discusbehandeling is een warmte-behandeling van de tussenwervelschijf. Bij deze behandeling wordt de huid verdoofd en wordt onder röntgendoorlichting een speciale naald geplaatst in de tussenwervelschijf. Vervolgens wordt de tussenwervelschijf met warmte behandeld (door radiofrequente (RF) stroom). De behandeling werd tot voor kort nog regelmatig uitgevoerd, maar is nu achterhaald door nieuwe onwikkelingen. De IDET en TDD zijn aanzienlijk effectiever, Door deze behandeling wordt de pijngeleiding vanuit de tussenwervelschijf beïnvloed, waardoor in veel gevallen een pijnvermindering optreedt.

  

pseudoradiculaire pijn

 

Het voorvoegsel "pseudo" betekent vals, hetgeen suggereert dat de pijn niet helemaal echt is. Niets is minder waar. Met deze benaming wordt bedoeld dat de pijn hetzelfde is als bij een hernia met wortelprikkeling, maar dat er bij onderzoek blijkt geen hernia te zijn, althans niet op de plaats waar het verwacht was. In een dergelijk geval kan een gepulseerd RF-laesie van de zenuwwortel gedaan worden: RF-rhizotomie of RF ganglion dorsale.

 

Rhizotomie is afgeleid van het Griekse "rhizos" dat wortel betekent, terwijl "ganglion dorsale", achterste zenuwknoop betekent. RF ganglion dorsale of Rhizotomie is een behandeling, waarbij met een speciale naald een zenuwwortel wordt behandeld. Na locale verdoving van de huid wordt onder röntgendoorlichting een speciale naald geplaatst bij de betreffende zenuwwortel. De naaldpositie wordt gecontroleerd met kleine teststroompjes, vervolgens wordt verder verdoofd en wordt de zenuwwortel verwarmd tot 42° (door middel van gepulseerd radiofrequente stroom  (zie voorlichting RF-rhizotomie. Door middel van deze behandeling wordt de pijngeleiding in de zenuwwortel beïnvloed, waardoor in veel gevallen een pijnvermindering optreedt.

 

Resultaat

Pas na 2 tot 3 maanden is het zinvol om het resultaat van de behandeling te beoordelen. Het is echter goed mogelijk dat u al eerder een gunstig effect op de pijnklachten bemerkt. In een aantal gevallen zal een aanvullende behandeling nodig zijn.

Roermond@DC-groep.com  

 

P.C. de Jong

 

 

 

 
© NIV Webhosting Swalmen - Laatste wijziging op 10-03-2016