Pijnpolikliniek.Info

 
 
 
                 patienten voorlichting            
 
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 

DC Klinieken Roermond                                  15 september 2011 

www.pijnpolikliniek.info 

Deze folder is bestemd voor patiënten, die in aanmerking komen voor een behandeling van coccygodynie (pijn aan het staartbeen/stuitje)

Inleiding 
Patiënten die pijn hebben aan het staartbeentje kunnen hier veel hinder van ondervinden. Vaak is het onmogelijk om lang recht te blijven zitten en moet men schuin zitten of op een kussen. De naam coccygodynie is afgeleid van het os coccygeus of het coccyx, dat staartbeen betekent. 



De meeste mensen die deze pijn krijgen, zijn ooit een keer op hun stuit gevallen. In sommige gevallen is een botbreuk of een knik te zien op een Röntgen foto, maar soms is het zo lang geleden dat de pijn niet hierdoor is te verklaren. Andere mogelijke verklaringen zijn ontsteking van de gewrichtsbanden van het sacrocycygeaal gewricht (overgang heiligbeen naar staartbeen). Ook kan de pijn afkomstig zijn van de omliggende banden en spieren van het bekkenbodem. 

Behandeling 
Vaak heeft men al voor verwijzing naar de pijnpolikliniek, een behandeling met pijnstillers doorgemaakt. Uiteraard als dit leidt tot een duidelijke vermindering van de klachten zonder al te veel bijwerkingen, dan is dat een prima oplossing. Het andere extreem bestaat uit het verwijderen van het staartbeentje (coccygectomie). Dit heeft eigenlijk alleen maar zijn een botbreuk. In andere gevallen gaat de pijn hier niet van weg. 

Op de pijnpolikliniek in Roermond zijn er een drietal behandelingen mogelijk voor deze pijn, met wisslende resultaat. 
caudaalblok
Het meest eenvoudige is het caudaalblok. Dit kan polklinisch plaatsvinden tijdens het spreekuur. Hierbij wordt via een opening aan het einde van het heiligbeen (hiatus sacralis) een injectie gegeven met Kenakort, een onstekingsremmend hormoon dat enkele weken blijft zitten. 



Afbeelding van een caudaalblok 

RF denervatie 
Bij de RF denervatie worden onder rontgendoorlichting, nadat de huid verdoofd is, naalden geplaatst bij de zenuwtjes die naar het staartbeen lopen. Het gaat om de voorste achterste vertakkingen van S3, S4 en S5. S5 is ongepaard, dus worden er in totaal 5 naalden geplaatst. Vervolgens wordt met een klein stroompje door het naaldpuntje te sturen de positie nogmaals gecontroleerd en wordt na verdere ver-doving de naaldpunt verwarmd door middel van radiofrequente (RF) stroom (zie voorlichting RF-laesies) waardoor het zenuwtje voor langere tijd minder goed in staat is om pijnsignalen door te geven.

         
 Denervatie van het staartbeentje     neurolyse ganglion impar 

neurolyse ganglion impar (ganglion/zenuwknoop van Walther) 
De derde methode om deze pijn te beïnvloeden gaat uit van het idee dat het autonome zenuwstelsel betrokken is bij de pijngeleiding. De vijfde sacrale sympathische ganglion wordt ook wel het ganglion impar (ongepaard) genoemd, ook wel bekend als het ganglion van Walther. Deze zenuwknoop bevindt zich aan de voorzijde van het heiligbeen en is daarom moeilijk toegankelijk. De benadering is via de overgang tussen heiligbeen en staartbeen (ligamentum sacrococcygeale). 

Onder Röntgen controle wordt een naald door deze gewrichtsband gestoken. Aan de voorzijde van het heiligbeen wordt 1 ml Röntgen contrast ingespoten. Als dit contrast in de onmiddellijke nabijheid van het heiligbeen blijft, wordt dit gevolgd door een injectie met 3 ml. fenol 6%. Fenol beschadigd het zenuwweefsel gedurende enkele maanden. Deze methode wordt ook gebruikt bij tumoren in het kleine bekken uitgaand van baarmoederhals of prostaat. 

Complicaties 
In veel gevallen treedt na de behandeling napijn op; deze napijn kan enkele weken aanhouden, maar verdwijnt vrijwel altijd. U kunt hiervoor eventueel een pijnstiller innemen (bv. parace¬tamol of tramadol volgens bijsluiter). Zonodig kan in overleg met uw be¬handelend arts of huisarts een andere pijnstiller worden voor¬geschreven. 

Bijwerking 
Als bijwerkingen van de Kenakort kunnen bij de vrouw opvliegers optreden en kan de menstruatie korte tijd verstoord worden. Mensen met suikerziekte, die insuline gebruiken, merken soms dat hun bloedsuikers een aantal dagen hoger zijn dan anders. 

Resultaat 
Pas na 2 tot 3 maanden is het zinvol om het resultaat van de behandeling te beoordelen. Het is echter goed mogelijk dat u al eerder een gunstig effect op de pijnklachten bemerkt. In een aantal gevallen zal een aanvullende behandeling nodig zijn. 

Let op! 
1.Informeert u ons a.u.b. voor de behandeling bij een (mogelijke) zwangerschap. 
2. Indien u antistollingsmiddelen (bloedverdunners) gebruikt (zoals Sintrom, Marcoumar of acenocoumarol) waarvoor controle bij de thrombosedienst noodzakelijk is, is het soms nodig deze enkele dagen tevoren te staken.

Vragen? 
Heeft u na het lezen nog vragen, dan kunt u deze bespreken met uw behandelend arts. 

P.C. de Jong 

Tel. pijncentrum: maandag tot en met vrijdag van 08.30 tot 16.30 uur: (0475) 352772.

 
© NIV Webhosting Swalmen - Laatste wijziging op 10-03-2016